dinsdag 28 december 2021

Oregon Trail: forten, zendelingen en einde route

Vorige week plaatste ik het eerste blogbericht met achtergrondinformatie over de beroemde 19e-eeuwse Oregon Trail, waarin je kon lezen over de ontwikkeling van de route en het leven onderweg. Dit afsluitende deel gaat over de forten en zendingsposten langs de Oregon Trail en het einde van de grote migratieroute.


Forten langs de Oregon Trail
Cruciaal voor het succes en het welzijn van de reizigers onderweg naar het westen, waren de vele forten en nederzettingen die langs de route ontstonden. Deze buitenposten boden bescherming en bevoorrading voor emigranten, evenals reisadvies en een welkome onderbreking van de ontberingen die men had doorstaan tijdens de tocht. De belangrijkste forten waren Fort Kearny (het huidige Kearny in Nebraska), een plek gelegen aan de rivier de Platte waar alle wegen uit het oosten samenkwamen; Fort Laramie, een belangrijk bevoorradingspunt voordat men verder door Wyoming trok; Fort Bridger, in het zuidwesten van Wyoming, waar de Mormon Trail aftakte naar het zuiden; en Fort Hall, waar de route de rivier de Snake bereikte. De zendingspost van Marcus Whitman in Waiilatpu was ook een belangrijk stoppunt.

De voorlaatste stop voor veel emigranten was Fort Vancouver (het hedendaagse Vancouver, Washington). Het fort, gelegen op de noordelijke oever van de Columbia rivier, was een grote Britse buitenpost en hoofdkwartier van de Hudson's Bay Company (een groot bedrijf dat handelde in bont en in Brits Noord-Amerika vaak optrad als overheid, vergelijkbaar met de VOC). In de jaren dat John McLoughlin hier directeur was van het Columbia District van de Hudson's Bay Company, vonden vermoeide reizigers er broodnodig voedsel, medicijnen en hulp. Later, toen McLoughlin zich in 1846 terugtrok uit het bedrijf, opende hij een winkel in de Willamette-vallei waar hij voedsel en landbouwgereedschap aan kolonisten verkocht; zijn winkel werd beschouwd als de laatste stop langs de Oregon Trail.


Zendelingen en zendingsposten
Aan het begin van de 19e eeuw behoorden Lewis en Clark - evenals kooplieden, handelaren en pelsjagers - tot de eersten die over de bergkam in het westen trokken. Maar de zendelingen waren de echte baanbrekers van de Oregon Trail.

De eerst groep missionarissen die naar het westen trok, werd in 1834 geleid door koopman Nathan Wyeth. Zij bouwden Fort Hall, in de huidige staat Idaho. In datzelfde jaar werd The Dallas Methodist Mission opgericht door dominee Jason Lee, net ten oosten van Mount Hood aan de Columbia rivier.

Misschien wel de bekendste zendeling in het noordwesten van Amerika was Marcus Whitman, zowel arts als missionaris. In 1836 stichtten hij en Henry Spalding, een collega-zendeling, de Whitman Mission in de buurt van het hedendaagse Walla Walla, Washington, om te evangeliseren onder de Cayuse-indianen. Hun twee vrouwen, Narcissa Whitman en Eliza Spalding, vergezelden hen op hun reis. Ze waren de eerste twee Europees-Amerikaanse vrouwen die de Rocky Mountains overstaken. Later richtte Henry en Eliza Spalding zelf een missie op onder de Nez Percé in Lapwai (in de buurt van het huidige Lewiston, Idaho).

Whitmans kleine gezelschap had bewezen dat zowel mannen als vrouwen de lange tocht naar het westen konden maken, hoewel die niet gemakkelijk was. De verslagen van de reis die Narcissa Whitman schreef, werden in het oosten gepubliceerd en langzaamaan volgden meer missionarissen en kolonisten hun voorbeeld.


In de winter van 1842-1843 maakte Marcus Whitman een lange reis terug naar het oosten om zijn sponsors over te halen de missies in het westen financieel te blijven steunen. Ondertussen leidde missionaris Elijah White, ook een groot voorstander van westwaartse migratie, een groep van meer dan honderd pioniers over de Oregon Trail. De volgende lente begon Marcus Whitman aan zijn terugkeer naar het westen en voegde zich bij een grote karavaan van zo'n 1000 emigranten, bekend als de 'Grote Emigratie van 1843'.

Andere zendelingen, voornamelijk man- en vrouwteams, richtten missies op in de Willamette-vallei en op verschillende locaties in de toekomstige staten Washington, Oregon en Idaho.

Mormonen waren ook baanbrekende gebruikers van de Oregon Trail. Nadat hun leider Joseph Smith in 1844 was vermoord, besloten kerkleden om hun gemeenschap naar de regio van het Great Salt Lake in Utah te verhuizen. De eerste groep Mormoonse kolonisten vertrok in 1846 en vestigden winterkwartieren in het huidige Omaha, Nebraska. Vanaf daar volgden deze groep eigenlijk dezelfde route als de Oregon Trail tot net ten westen van de Rocky Mountains, waarna ze naar het zuiden afbogen richting Utah.

Het einde van de route
De voltooiing van de eerste transcontinentale spoorlijn in Utah in 1869 markeerde het begin van het einde voor de grote migratieroutes over land naar het westen, toen steeds meer kolonisten voor het snellere en betrouwbaardere vervoermiddel kozen. De aard van de Oregon Trail was echter sinds het einde van de jaren 1840 al aan het veranderen. Eerst met de komst van de goudzoekers, de zogeheten 'forty-niners', tijdens de California Gold Rush. Later, in de jaren 1850, door meer militaire troepen, fysieke verbeteringen (zoals veerboten en bruggen) en het verschijnen van stoomboten op de Columbia rivier. In de jaren 1860 kwamen er meer veranderingen: meer en grotere nederzettingen langs de route, verbeterde communicatie, zoals de Pony Express (koerierdienst van ruiters die post en kleine goederen vervoerden van Missouri tot Californië) gevolgd door transcontinentale telegrafeerlijnen, en uitgebreide postkoetsdiensten.


De nieuwere vormen van communicatie en vervoer verliepen via de bekende routes, vaak parallel daaraan. De trails raakte door de spoorlijn, die vaak recht over een route werd aangelegd, niet direct volledig in onbruik, maar de hoeveelheid emigranten die per wagen reisden, daalde wel drastisch. Van alle routes naar het westen, bleef de Oregon Trail het langst in gebruik, deels omdat de spoorlijn in de beginjaren 1880 pas in Oregon werd aangelegd. Het pad werd na de opkomst van de trein nog lange tijd gebruikt voor het drijven van vee, zoals runderen en schapen, naar het oosten. Tegen 1890 had de spoorlijn het reizen per huifkar bijna volledig overgenomen. Pioniers uit het oosten konden nu binnen een week in plaats van zes maanden in het westen arriveren.

Tegenwoordig zijn de overblijfselen van de Oregon Trail nog steeds zichtbaar. Veel emigranten kerfden hun namen in zacht zandsteen, zoals nu bijvoorbeeld nog te zien is bij de rotsformatie Independence Rock. Ook karrensporen zijn nog terug te vinden, de diepste (op sommige plaatsen wel 1,5 meter) en best bewaarde daarvan zijn gevonden in de buurt van Guernsey, in het zuidoosten van Wyoming. Een verscheidenheid aan plaatsen die verband houden met de route, zijn benoemd tot nationale, provinciale en lokale historische locaties, zoals verschillende forten en de Whitman Mission. Ook zijn talloze bezienswaardigheden langs de Oregon Trail aangewezen als beschermde gebieden, waaronder Scotts Bluff en Chimney Rock.

Diepe karrensporen nabij Guernsey, Wyoming

Hoewel moderne vooruitgang een einde maakte aan het gebruik van de Oregon Trail, kon de historische waarde ervan niet worden genegeerd. Om die reden benoemde de National Park Service de Oregon Trail in 1981 tot een National Historic Trail, met als doel de route te behouden en onderhouden. Sommige delen zijn openbaar toegankelijk voor publiek om mensen te blijven informeren over het belang van de Oregon Trail.

Een blijvend nalatenschap van de Oregon Trail is de uitbreiding van het grondgebied van de Verenigde Staten naar de westkust. Zonder de vele duizenden kolonisten die zich in Oregon en Californië vestigden, is het hoogst onwaarschijnlijk dat dit zou zijn gebeurd.

Bronnen: britannica.com, history.com, pixabay.com, wikipedia.org

4 opmerkingen:

  1. Heel interessant. Jij zou er een boek over kunnen schrijven.

    BeantwoordenVerwijderen
    Reacties
    1. Bedankt voor dit grote compliment, Aritha! Ik ben benieuwd naar jóúw boek.

      Verwijderen
  2. Mooi, weer zo'n aanvulling.
    Ik ga het bewaren en ik weet zeker dat het helpt bij het lezen van de boeken die zich in deze periode afspelen.

    BeantwoordenVerwijderen